
De diepere symbolische betekenis van ‘dieren’.
Symboliek van de RUPS,
o.a. de processierups
Je ziet een rups op je weg…
U mag van deze tekst één exemplaar afdrukken voor persoonlijk gebruik.
© Christiane
Beerlandt en Beerlandt Publications bvba
Alle rechten voorbehouden. Geen enkele tekst uit deze website mag worden verveelvuldigd,
opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige
vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen
of op enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
De rups staat symbool voor: het in zekere zin gestadig ‘werken’ aan iets, zonder
dat je het echt arbeiden kan noemen, wel een werken in de zin van ‘een laten doorgaan
en doorstromen’, al doende, op een bepaalde wijze levende, of soms wel letterlijk
werkende weg, opdat het uiteindelijke resultaat een afgewekt ‘iets’ zou zijn: het
gaat in de eerste plaats om doorvoering binnenin jezelf, maar kan tevens om een ‘werkstuk’,
een bepaald project buiten jezelf gaan: iets wat jij door je handen heen laat glijden,
geen ogenblik tegenhoudend, willen forceren noch blokkeren. Beide –innerlijke vooruitgang
en een tot stand komen van iets in je buitenwereld-
Zo zie je jezelf als mens uiterlijk veranderen, niet alleen wat betreft de fysieke vorm, maar je kan je ook in andere kleuren, in andere soort van ‘stoffen kledij’ manifesteren. Je lichaam en gedragingen: veranderingen hierin geven weer wat zich innerlijk aan het omzetten is.
Evolutie laat zich voltrekken binnenin de Mens, datgene wat dient te groeien, te gebeuren in en buiten jezelf, het ‘werk’ dat je doet in functie van schepping en vooruitgang, gebeurt als het ware vanzelf, omdat je het alleen maar dient te laten gebeuren, dus niet al grijpende weg, niet al controlerende weg. Hierbij geen remming opzetten, geen blokkade. Laat ‘het’ zich voltrekken in en buiten jezelf, in functie van Evolutie.
Dit in de optiek van Transformatie, een omzetting van een bepaald soort energieën via actie, doen en laten voortgaan/verderglijden wat leidt tot een nieuw oorspronkelijke vorm.
Een samengaan hierbij van actie, doen, doorgaan enerzijds en het laten gebeuren, laten groeien, laten ontstaan, anderzijds.
Een plutonische werking. Metamorfose, gedaanteverandering. Met bedoeling jouw bijdrage te leveren aan ‘het scheppingswerk’ van de levensbron.
Dit vraagt niet alleen om een constant geleidelijkaan laten ‘doorgaan’, laten ‘worden’,
scheppen, creëren dus, (zonder daarom in overdreven dynamisch-
De rups kan er op wijzen, een ontmoeting met vele rupsen kan er op wijzen dat wel
een bepaalde doorgaande dynamiek zich voltrekt, maar dat mens of mensengroepen te
lang in eenzelfde stramien blijven lopen, dat er zich wel een innerlijke en uiterlijke
beweging voltrekt, maar te weinig doorgang geeft aan ‘vernieuwende’ impulsen die
noodzakelijk zijn voor transformatie en vooruitgang. In maatschappelijke termen noemen
we dit ‘conservatief, behoudsgezind’, een vraag om niet koppig in een oud stramien
blijven hangen, maar oplossingene, nieuwe dingen op flexibele wijze laten tot stand
komen, in menselijk individueel opzicht: ‘Ga jij als mens nog steeds diezelfde oude
weg volgen? Of sta jij aan het begin van de Metamorfose… ? Waarvoor kies je ?’ Alleszins
is de langzame beweging er, de constante toevoer van potentiële krachten waarmee
de mens iets mee kan doen, of beter nog, waar mens en mensheid er goed aan zouden
doen ‘het’ zich te laten voltrekken: evolutie binnenin het leven die zich als vanzelf
wil laten geworden.
Geen verzet, geen tegenstand, geen krampachtig vasthouden aan
het oude dus.
Uiteindelijke Wedergeboorte wanneer het rijpingsproces, het ‘toestaan’ van dit proces, het ‘meegaan’ met deze levensgerichte beweging in het zachtjes richtend begeleiden (in en tegelijkertijd eventueel aan een bepaald ‘iets’ buiten jezelf,) zonder agressief in te grijpen, mag plaatsvinden. Het màg gebeuren, het Leven mag zich manifesteren: via jouw bewustwording/groei in proces.
Dit vraagt vaak om een onophoudelijk ‘loslaten’ en toch tevens een ‘mee’ zijn met jezelf, met datgene wat zich voltrekt, in jouw evolutiegebeuren, zowel als in datgene waar jij in het dagelijkse leven mee bezig bent.
Het vraagt soms om een ‘breken’met oude patronen, dingen, mensen, maar je ‘voelt’
het gewoon binnenin jezelf. Het gaat niet om een forceren: het leven in jou laat
het jezelf gewaarworden en jij verzet je er best niet tegen. Achter jou hoor je misschien
‘glas’ breken; jij staat jezelf evolutie toe en tegelijkertijd komt niet alleen het
‘levenskunstwerk’ dat jijzelf naar lichaam en ziel bent/wordt, eerlijk tot stand,
maar groeien en veranderen ook de ‘spiegels’ die je van jezelf ziet in de buitenwereld.
Als een huis waarvan eerst de kelderverdieping slechts gemetseld werd, en nu een
stevige beneden-
Het kan om een kantklossen, een koken, een beeldhouden, een groei in relatie tot de ander, een compositie van om het even wat gaan: als vanzelf vloeien de veranderingen voort uit je innerlijke ‘toestaan en begeleiden’in evolutie van je eigen IK.
De processierupsen zoals nu voorkomend (2007) in de provincies Limburg: symboliseren een soort van hardnekkige strijd , individueel of in groepsverband, (massa rupsen) , een verzet, een weerstand om iets ‘ouds’ los te laten. Een soort van innerlijke strijd, een koppig ‘neen’ zeggen aan een in verzachting loslaten, de dingen laten voltrekken zoals het Leven zelf dit verlangt.
Het leven vraagt om transformatie, zoals hierboven in de tekst van Rups beschreven, individueel, in groepsverband. Niet op oude achterhaalde wetten blijven bouwen; kom maar tevoorschijn, breng het in een open daglicht, bespreek de dingen, maak kenbaar wat er scheelt, open de schaal van het eitje en haal de kern, de dooier, naarboven. Geen stoer verzet meer tegen veranderingen doorvoeren. In openheid en alle eerlijkheid bepaalde dingen bespreken en stappen zetten op de wijze zoals de Rups het aangeeft. Hier niet van wegvluchten. Durven de dingen nieuw aanpakken en doorgaan…
Het krachtige hart vraagt om verzachting, om loslating, om transformatie.
Uit Als de Dieren spreken konden, Christiane Beerlandt.
© 2007 Christiane Beerlandt en Beerlandt Publications